“Broodnijd in de perszaal”

01Apr08

Journalisten hebben iets met vrome Joden. Zet er twee bij elkaar en je krijgt minstens drie hardnekkige meningen. Journalisten leven in een soort “diaspora”, verspreid, niet serieus genomen, klagend bijeengedreven in hun woonkamer: de kroeg. In het diepe besef dat hun “product”, eens van de persen gerold of de ether in gestuurd een vogel voor de kat is. Vermits literaire genres als cynisme, ironie, sarcasme, satire en zelfs humor voor de doorsnee lezer onbekend gebied zijn, worden deze kwaliteiten gefrustreerd losgelaten aan de toog.

Bron

Vroeger en ook nu nog worden van journalisten geen hogere studies verwacht. Een redelijke lichamelijke conditie is al heel wat. Vele bekende reporters raakten amper door het middelbaar onderwijs en wachtten het verbeteringsgesticht of erger. Ze kregen bijnamen als “inktkoelies” en “broodschrijvers”. De rituelen van de gazet, zoals de “deadline”, bracht hen structuur. Een drankje tijdens een persconferentie is hun schamele afkoopsom. In deze “gilde” raakt men niet zelden in de goot of volgt een carrière als dorpsdichter.

“Kuifje”
“Kuifje” is het prototype van de “reporter”. Zijn franse benaming “Tintin” kan best vertaald worden als “Noppes”. “Mister nobody”. Hard maar waar. Citaat: “ Kuifje is verslaggever, maar wat is een verslaggever meer dan een schakel, een spiegel, een tussenpersoon die informatie overbrengt die hij maar even bezit?”. Uiteraard brengt een “verslaggever” niet slechts informatie over, maar becommentarieert en duidt hij/zij soms. Toch kunnen we deze “Noppes” in grote lijnen volgen. (Via Google:“Kuifje Reporter” – Klik op “Tintin”).

De journalist is een “bode”, zoals die zich tweeduizend jaar geleden over honderden km voortspoedde om zijn vorst te dienen met nieuws. Hij is een “afgezant” (van “angelos”, Gr. en “angelus”, Lat., een “engel” ). De olympische “marathon” is er aan verwant. Maar journalisten zijn geen engeltjes, ze bewaken hun territorium en vooral “hun” nieuws, primeurs, fanatiek. Tenslotte hangt hun brood en beleg er van af. Ze zijn de geïnstitutionaliseerde functionarissen van wat oorspronkelijk geruchten en roddels waren.

In het straatje van mijn grootmoeder beheerste de visboer een ruim gebied van berichtgeving. Daar was geen speld tussen te krijgen. Hij was zowel opsteller, drager als verspreider met een trouw publiek. Wanneer de pastoor via deze weg op een zedeloos spoor kwam, werd de kansel verheven tot massamedium. Een soort Indymedia.be avant la lettre. Naargelang het dorp werd het een kwaliteitskrant dan wel “Dag Allemaal”. Of “Knack”…

Professionele redding…
Ooit was “Humo” met “Vrij Nederland” een sprankelend links weekblad. Zowel qua taal, thema’s en lay out populair met een grote oplage. De culturele lijn, muziek, van “Humo” trok vele jongeren aan. De tijden zijn veranderd, “Humo” werd een veredelde “Dag Allemaal” en “Knack” zowaar een kritisch en zelfkritisch progressief liberaal tijdschrift met “linkse uitschuivers”. Waar vindt je nog media die satire en vogelvrije columns hoog in het vaandel voeren naast onderbouwde analyses? “Knack” presteert het om regelmatig het hoofdartikel op de eerste blz. (Rik Van Cauwelaert) in hetzelfde nummer vakkundig de grond in te laten boren in de column van Koen Meulenaere op de laatste blz. (“Bladspiegel”). Meulenaere is in politieke kringen gevreesd. Hij kreeg een proces aan het been van ex minister Freya Van den Bosssche wegens zijn bewering dat ze haar universitaire eindejaarsthesis niet zelf bricoleerde. Nu is het proefondervindelijk wetenschappelijk bewezen dat nogal wat aanstormend Vlaams intellect in dat bedje ziek is en Internet meer dan welvoeglijk haar ding laat doen. Het niveau van dat intellect is er dan ook aan af te meten. De weerspiegeling er van in het politieke bedrijf ook.

Waarom ben ik zo geestdriftig over “Knack”? Omdat dit in mijn kraam past, uiteraard. Een paar weken geleden publiceerde ik hier “De truken van de journalistieke foor”. (http://www.indymedia.be/nl/node/26517). Over een persconferentie (10/03/08) op het “Schoon verdiep” van het Antwerpse Stadhuis, waar Indymedia.be met een fotograaf binnensloop en deze burgerjournalisten brutaal mee aan tafel gingen zitten met de “échte”. Tot overmaat van ramp bleek het om de wekelijkse “briefing” vanwege het beleid aan de plaatselijke uitverkorenen te gaan. Pottenkijkers waren niet zo gewenst. De Schepen van Sociale Zaken en voorzitster van het OCMW Monica De Coninck (sp.a) zou uitleggen waarom het rapport van de criminologe/sociologe Marjon Van San over het voorspelde mislukte prostitutiebeleid in de brandkast bleef. Het werd een oppervlakkig verhaaltje, gevolgd door oppervlakkig gemurmel van de beroepsjournalisten. Indymedia.be was braaf en trachtte als laatste wél een paar lastige vragen te stellen in aanwezigheid van een vergezellende ex prostituee en een belangrijke ervaringsdeskundige. De Coninck kreeg het lastig, maar werd op de valreep professioneel gered door de gezagsgetrouwe “beroeps” van “Het Nieuwsblad/De Standaard”, Kris Goosenaerts. Hij trommelde als Gust de Gorilla op tafel, de kreet uitslakend:” Ik heb er genoeg van!”, waarna de Schepen dankbaar de benen nam.

FBI medaillon
Fotografen weten het goed. Het is niet het beeld dat “verwacht” wordt dat interessant is, het is het beeld van een “afwijkende” en toevallige gebeurtenis dat alles zegt. Hier was dat de show van Kris Goosenaerts als spits van het beleid. Hij illustreerde zonder géne hoe sommige “beroepsjournalisten” de drang niet kunnen weerstaan om niet alleen in hun stukken, maar zelfs tijdens een persontmoeting het gezag en beleid ter hulp te snellen. Hij bewees ook hoe belangrijk onafhankelijke kanalen als Indymedia.be zijn. Daarom kwam dit incident ter sprake in “De truken van de journalistieke foor”. En om “truken” gaat het. Ik was vele jaren beroepsjournalist, in het bezit van een “kaart” en een indertijd daarbij horend soort FBI medaillon ter grote van een koffieschoteltje, dat tijdens betogingen geacht werd trots gedragen te worden. Ik deed dat bvb. tijdens mijnwerkersstakingen nooit. Men riskeerde immers een rammeling van én de rijkswacht én van de stakers. “Tintin” is “noppes” en dat was en is de gezondste tactiek.

Het door mij zo geroemde “Knack” pikte het incident met Goosenaerts op het “Schoon verdiep” op van Indymedia.be. En zo werd het toch nog bruikbaar in een zinnige gedachtewisseling over de rol van “burgermedia”, enkele weken nadat Indymedia het boek “Burgermedia” voorstelde ( EPO). (http://burgermedia.be). “Knack” journalist Karl van den Broeck publiceerde “Broodnijd in de perszaal”. (http://www.knack.be/nieuws/belgie/broodnijd-in-de-perszaal/site72-sectio…). Het stuk is begripsvol voor de burgerjournalistiek.

Karl van den Broeck haalde er de algemeen secretaris van de Vlaamse journalistenbond (VVJ),Pol Deltour bij. ( http://agjpb.be/vvj ). De laatste meent dat wanneer “een territoriumstrijdje ontstaat tussen een beroeps- en burgerjournalist” dat in alle beleefdheid moet worden beslecht. We wachtten de vaderlijke raad van Deltour niet af, Goosenaerts en ik rookten als beleefde Antwerpenaars alsnog de vredespijp. Ook dat is een kenmerk van deze “gilde”, haatdragend is men niet. Wat niet belet dat het inhoudelijke probleem op tafel blijft.

Straffe kost van de VVJ
“Broodnijd in de perszaal” zegt als titel alles. “Beroepsjournalisten” verdienen hun brood en beleg als verslaggevers. De nieuwe media zijn meer onafhankelijk en hun medewerkers zijn vrijwilligers. Ze hebben dezelfde rechten. In België mag iedereen zich journalist noemen en het recht op informatie, nieuwsgaring,commentaar en verspreiding er van is een van de grondvesten van een levendige democratie. Het beletten van welke burger dan ook om aan nieuwsgaring te doen zou strafbaar moeten zijn. Pol Deltour begeeft zich hier op de site van “Knack” op glad ijs.

Hij klinkt zeer ruimdenkend: “Er is in principe niets op tegen dat burgerjournalisten deelnemen aan persconferenties of aanwezig zijn op evenementen”. Maar dan: “Als beroepsvereniging stellen we wel vast dat het tegenwoordig heel druk wordt voor journalisten op sommige plaatsen: van de plek van een verkeersongeval tot de persconferentie van Leterme.” Conclusie van Pol Deltour: “Wanneer de interesse het aantal beschikbare plaatsen overschrijdt, moeten erkende beroepsjournalisten volgens ons voorrang krijgen. De selectie is trouwens simpel: beroepsjournalisten beschikken over een officieel persdocument”.

Dat is straffe kost. Even straf als die van de “Orde van Artsen” en andere corporatistische beroepsgroepen. Dat artsen en de bevolking controle op hun werk wensen is nog begrijpelijk. De volksgezondheid hangt er van af. Dat daarvoor een “Orde” nodig zou zijn, al minder. Maar journalisten? Deltour maakt duidelijk waarover het gaat.”Beroeps” moeten “voorrang” krijgen op “amateurs”. Er is een “selectie” op basis van die kaart. En die kaart zit vooral bij de media met veel geld waar journalisten in functie van de beheerraad schrijven.

De”roedel”
Deze “selectie” inzake nieuwsgaring en commentaar is iedere seconde aanwezig. Berucht zijn de “embedded” verslaggevers in Afghanistan en Irak die trouw hun baas, Bush, napraten. Ook op het Antwerpse “Schoon verdiep” waren de meeste “embedded” die wat veilige vraagjes prevelden. Wanneer dan een loslopend element van Indymedia.be ter zake komt, wordt dat als verstoring van “ons-kent-ons” gezien. Pol Deltour zet de deur open naar selectie, censuur, door in bepaalde situaties alleen journalisten met een perskaart toe te laten. Ook nu worden vrije verslaggevers gewantrouwd en tracht men hen buiten de deur te houden, ook al zijn er stoelen zat. Die reactie toonde toen ook de persverantwoordelijke van het kabinet van Monica De Coninck. Openbaarheid van bestuur is in Antwerpen een gewantrouwde materie. Het best lijkt me dat “amateurs” zelfbewust en assertief optreden. Het niet tot de “roedel” willen behoren biedt mogelijkheden tot onafhankelijkheid. Deze vrije journalistiek gaat inderdaad in concurrentie met de “échte”. Dat was en is ook de bedoeling. Het gaat niet om een “territoriumstrijdje”, zoals Deltour meent, maar om een fundamenteel conflict tussen een wereldwijd gemanipuleerde leugenmachine, een instrument van politieke misleiding en propaganda, en de steeds sterker wordende burger initiatieven hier tegen. Wat zich op 10 maart op het “Schoon verdiep” afspeelde was een provinciaal incidentje, dat in die ruime context gezien kan worden.

Advertenties


No Responses Yet to ““Broodnijd in de perszaal””

  1. Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers liken dit: